geboortebeperking
Vanaf de late adolescentie is bescherming tegen ongewenste zwangerschap voor veel vrouwen een doorlopende aangelegenheid. Als een vrouw stopt met geboortebeperking is het daarom verwarrend als ze niet direct daarop zwanger wordt. Veel vrouwen zijn verbaasd als ze horen dat de effecten van geboortebeperking nog steeds aanwezig kunnen zijn, zelfs nadat ze met het gebruik ervan zijn gestopt.
- Spiraaltje (Intra-Uterine Device - IUD) - Sommige - niet meer gebruikte typen - spiraaltjes veroorzaakten littekenvorming in de baarmoeder en eileiders, en/of ontsteking in het kleine bekken (Pelvic Inflammatory Disease - PID). Met de moderne spiraaltjes komt dit probleem nauwelijks meer voor.
- Anticonceptiepillen - Hoewel ongebruikelijk, kan de ovulatie uitblijven tot wel zes maanden na het stoppen met de pil.
- Glijmiddelen - De dikke consistentie van glijmiddelen kan zaadcellen doden of vasthouden en daarmee onbedoeld optreden als een vorm van anticonceptie.
- Sterilisatie - Sterilisatie is bedoeld als een definitieve manier van anticonceptie, zowel bij de man als bij de vrouw. Indien er toch een hernieuwde kinderwens bestaat, dan kan geprobeerd worden om een hersteloperatie uit te voeren bij de man of vrouw in kwestie. Deze operatie slaagt lang niet altijd, en vaak moet daarna alsnog worden overgegaan op intensieve vruchtbaarheidsbehandelingen zoals IUI of IVF.